Viering

’s Ochtends

’s Ochtends maken mama en Finn zich klaar voor de viering, terwijl papa voor de laatste keer naar Klina rijdt. We hebben beslist dat papa Mathis zelf in zijn kistje zal leggen. Het voelt voor ons aan dat het zo moet. Papa heeft nog een half uurtje samen met Mathis, en zorgt er dan voor dat hij knusjes in zijn kistje ligt, omringd door knuffels, onze t-shirts, foto’s en nog een aantal dingen die we belangrijk vinden. Dan gaat papa thuis mama en Finn ophalen.

 

Viering

Rond kwart voor elf komen we aan bij de kerk van Hoogboom. Daar waar we getrouwd zijn en waar Finn gedoopt is, zal ook Mathis gedoopt en gevierd worden. Bij het binnenstappen zijn we onder de indruk, het kerkje zit quasi vol. We hebben de voorbije dagen laten weten dat iedereen die wilde, welkom was op de viering, maar dit hadden we nooit kunnen denken. Zoveel familie en vrienden zijn speciaal gekomen voor ons Mathiske.

Bedankt allemaal, het deed ons heel veel deugd dat jullie erbij waren.

We hebben heel intens gewerkt aan Mathisje’s viering. Alle teksten en muziek vind je hier.

Bij het einde van de viering draagt papa Mathisje in zijn kleine, witte kistje naar buiten. Mama draagt Finn op de arm, en daarna volgen familie en vrienden. Papa zet het kistje in de ceremoniewagen, die met witte ballonnen gevuld is. We leggen ook de knuffeltjes die in de kerk rond zijn kistje lagen, bij hem in de auto. Terwijl we in onze auto’s stappen, staat iedereen (zo horen we later) muisstil buiten aan de kerk.

 

Ballonnen en knuffels

Even later komen we aan bij de begraafplaats van Stabroek. Mathisje, papa, mama, Finn, moeke en bompa, mimi en bopa, tante Elke en nonkel Stef, nonkel Dimitri, meter Maggy en peter Thomas. Papa draagt Mathisje tot bij zijn grafje. Een mooi plekje in de stralende zon op het mooie kinderkerkhofje.

Nadat de pastoor een tekst heeft gelezen, laten we samen witte ballonnen omhoog op de muziek van Samson & Gert’s “Wij gaan vliegen”. Dat liedje hebben we deze zomer zo vaak gezongen met Mathis in mama’s buik. “En wij gaan vliegen, vliegen, vliegen, heel hoog in de lucht… om snel bij jou te zijn…” Terwijl er zachtjes kinderliedjes spelen, leggen we allemaal een knuffeldoekje op Mathis’ kistje. Het is zo mooi, hij wordt letterlijk toegedekt met zachte knuffels, knuffels van allemaal mensen die hem zo graag zien. En hij zal er voor altijd door omringd worden.

Daarna zet papa Mathisje’s kistje met alle knuffeldoekjes erop in het grafje. We krijgen allemaal een handvol witte rozenblaadjes om over zijn kistje te gooien. De rozenblaadjes die over zijn, mag Finn nog verder strooien – minutenlang duurt het. Heel aandoenlijk, de onschuld van grote broer bij het dag zeggen aan kleine broer.

En dan vertrekt de familie, wij blijven nog even achter. Papa dekt Mathisje’s kistje zachtjes met aarde toe. Als we even later willen vertrekken, vindt Finn nog enkele rozenblaadjes op de grond die hij toch nog graag in Mathisje’s grafje wil gooien. Bij elke worp klinkt een bijhorende “hup”. In al zijn enthousiasme gooit hij ook zijn eigen knuffeldoekje erbij. Dat zullen we toch maar terug meenemen.

Bij moeke en bompa thuis klinken we op ons Mathisje. Er volgt een fikse regenbui, alsof de hemel met ons mee huilt. Even later schijnen er zonnestralen door een gaatje in de wolken, heel speciaal.. Het lijkt wel of Mathis alweer komt kijken.

’s Avonds, voordat we naar huis gaan, gaan we terug naar zijn grafje. De werkmannen van de begraafplaats hebben Mathis’ kruisje bij zijn grafje geplaatst, en hebben ook de knuffels heel mooi geschikt. Mathis’ grafje ligt er warm bij, maar het is heel onwerkelijk.